In 2009 hebben de bonden en gemeenten hun uitvoerende werkzaamheden gecontinueerd. Door de invoering van de regeling Brede Scholen, sport en cultuur heeft in de meeste gemeenten een behoorlijk aantal Meedoenclubs de beschikking gekregen over een combinatiefunctionaris.

In 2009 zijn projectleiding, bonden en gemeenten begonnen zich voor te bereiden op de periode na 2010. In de tweede helft van 2010 kunnen bonden, gemeenten en landelijke instellingen hun plannen voor de toekomst opstellen of bijstellen. Enkele sportbonden zijn al bezig met verdere verspreiding van Meedoen in andere gemeenten.

Resultaten

De resultaten uit de 2 meting van de Meedoen-monitor, uitgevoerd door het W.J.H. Mulier Instituut, geven aan dat vanaf het moment dat het programma is gestart de meewerkende verenigingen van de negen betrokken bonden een ledenwinst hebben geboekt van 20.300 jeugdleden. Dat is een groei van 28%. Vooral onder de allochtone jeugd is de sportdeelname fors gestegen. De cijfers van de ruim 250 Meedoen verenigingen van de KNVB zijn hierin nog niet verwerkt. Al met al begint de samenstelling van het ledenbestand van de meewerkende sportvereningen steeds meer een afspiegeling te vormen van de samenstelling van de bevolking in de betreffende steden.

Programmamanager

Om meer aandacht te kunnen besteden aan de knelpunten en vraagstukken die leven bij de sportbonden en gemeenten hebben WWI en VWS besloten om het projectleiderschap van het programma onder te brengen bij NISB en daarvoor capaciteit beschikbaar te stellen. Het projectleiderschap moet leiden tot een kwalitatieve en kwantitatieve impuls voor het programma.


De programmamanager bewaakt dat de sportbonden en gemeenten voldoende oog blijven houden en inzet plegen om de resultaat- en inspanningsverplichtingen die in de contracten met het rijk zijn vastgelegd in 2010 te behalen.

Daarnaast legt de projectleider koppelingen binnen en buiten het programma, tussen de verschillende beleidsprogramma’s, de onderzoeksanalyses, landelijke organisaties en de uitvoeringspraktijk.

Flankerend beleid

Het flankerend beleid van NISB wordt ingezet op kennis ontwikkelen, ondersteuning op maat bieden en stimuleren dat deelnemers aan het programma hun doelstellingen behalen.

Om aan de vragen vanuit sportbonden en gemeenten naar meer ondersteuning tegemoet te komen, wordt de inzet op lokale ondersteuning gecontinueerd. Sinds begin 2009 heeft de NSA hierin ook een rol, en bestaat het ondersteuningsteam derhalve uit medewerkers van NISB en NSA.

Dvd ‘Sport en bewegen: wie doet er mee?’

Veel allochtone ouders zijn (nog) niet bekend met de sport(cultuur) zoals we die hier in Nederland kennen. Daarom heeft NISB in samenwerking met een aantal Meedoensportbonden en –gemeenten een voorlichtingsfilm gemaakt. Deze dvd bestaat uit drie hoofdstukken. Hoofdstuk één laat zien wat sport en bewegen kan inhouden, hoofdstuk twee legt uit wat de mogelijkheden van een sportvereniging zijn en hoofdstuk drie besteedt aandacht aan de meerwaarde die je als ouder hebt wanneer je actief betrokken bent bij het sporten van je kind.

De film is te gebruiken op een themabijeenkomst en kan worden ingezet om een discussie of brainstorm op gang te brengen. Door de brede opzet kan deze film ook ingezet worden bij inburgeringtrajecten.